Tutorials, tips en info voor audio, foto en video

Interview met professional: tips voor sportfotografie

Interview met professional: tips voor sportfotografie

Al vijf jaar heeft fotograaf Ole Joern (38) succesvol zijn eigen bedrijf, RED STAR PHOTO, in Denemarken. Als persfotograaf deed hij ervaring op bij een van de grootste dagbladen van het land en en is van daaruit in 2006 naar het WK in Duitsland gestuurd om de gebeurtenissen voor zijn land in foto’s vast te leggen.

In het interview geeft hij ons enkele tips die de hobby-fotograaf kan toepassen om goed voorbereid te zijn en de highlights ideaal te kunnen fotograferen bij het komende EK 2012 in Polen en Oekraïne en de Olympische Spelen in Londen.

Bij de professionele sportfotografie wordt in de regel vijf keer zoveel apparatuur ingezet als normaal – welke eenvoudige tips zijn er voor de geëngageerde leek wanneer hij een sporter in actie wil fotograferen?

Het voordeel voor mij als professionele fotograaf is natuurlijk niet alleen de apparatuur, maar ook dat ik direct op de rand van het veld zit. Ik ben op ooghoogte met de gebeurtenissen en neem een perspectief in die tv-toeschouwers ook uit de live-uitzendingen kennen. Bij het WK 2006 kreeg ik echter af en toe fotoplaatsen op de tribune toegewezen en deze perspectieven – die van de toeschouwers in het stadion – gaven mij geheel nieuwe mogelijkheden. Natuurlijk had ik een goed teleobjectief nodig (minimaal 300 mm, liever nog 500 of 800 mm), wanneer de atleten close-up gefotografeerd moeten worden. Het perspectief van de toeschouwerrang geeft je echter de kans meer grafisch te werken. Dus van close-up naar formatie en organisatie op het veld zoals bijvoorbeeld bij hockey of voetbal. Maar het belangrijkste is altijd het beste uit je positie te maken en je niet zozeer op de acties op het veld te concentreren maar meer de reacties van het publiek proberen te vangen. Ik zou iedereen adviseren in RAW-formaat te fotograferen, omdat dat het beste formaat is om vervolgens de foto’s te bewerken en te monteren. Het belangrijkste bij de sportfotografie is de sport te kunnen lezen en op het juiste moment in het heetst van de strijd op de knop te drukken.

Een trainingsfoto van de Brazilianen van Ole Joern

Sportevenementen deze zomer vinden overdag en bij stadionlicht plaats. Waar moet een fotograaf op de verschillende tijdstippen op letten en hoe wijzigt zich het fotograferen bijvoorbeeld in een stadion in vergelijking tot het grasveld?

Ik houd van stadionlicht! In tegenstelling tot een zonnige dag is het strijklicht in het stadion constant – dat betekent dat er geen harde schaduw of tegenlicht is. Omdat het licht constant blijft, wordt een keer de witbalans gedefinieerd en deze instelling kun je dan gedurende het gehele spel vasthouden. Dus witbalans handmatig instellen, een hoge ISO gebruiken (vooral bij telefoto’s – dus niet wiebelen – of wanneer je bewegingen wilt vasthouden), zodat dat wat gefotografeerd wordt, bijna als bevroren oogt. Een hogere ISO resulteert in een kortere belichtingstijd, maar kan ook de kwaliteit van de opname juist bij digitale foto’s beïnvloeden (vooral bij camera’s met kleine beeldsensor). Hier ontstaat een beetje “digitaal pixelstof”, die net als bij oude film een grof korrelige laag over de opnamen legt, wat er niet zo mooi uitziet. Daar moet de fotograaf dus afwegen wat hij wil. Verder zorgen lange belichtingstijden (1/15 seconden bv.) en misschien ook een statief – of gewoon de rand van de tribune als statief voor een goede atmosfeer en heel andere foto’s. Bij het fotograferen worden stemmingen vastgelegd en als hobby-fotograaf gaat het er natuurlijk niet om zijn opdrachtgever blij te maken!

Sport is snel. Welke tips heb je om de snelle afloop van sport het beste fotografisch vast te leggen?

Wanneer ik tegenwoordig sport fotografeer maak ik natuurlijk gebruik van een teleobjectief met een korte belichtingstijd (1/800 of nog sneller) en meerdere camera’s (een met teleobjectief van 300 of 400 mm, een met 80-200 mm en een met 24-70 mm, wanneer bijvoorbeeld een voetballer heel snel naar de rand komt). Waar het bij de sportfotografie om gaat, is het ogenblik vast te leggen dat het oog niet meekrijgt. Alles wat de blik verwart, moet dan ook uit de foto weggewerkt worden – dus bijvoorbeeld een heel scherpe achtergrond, waarbij je niet kunt zien wat in focus is. Precies dat kan een teleobjectief. In de sport moeten de foto’s altijd tot het essentiële worden gereduceerd, ofwel tijdens de opname ofwel naderhand op de computer. En toch vindt het interessantste in de sport misschien wel buiten de lijnen plaats. Maak dus foto’s van toeschouwers en hun emoties. Fotografeer dat wat de kranten niet fotograferen en bekijk de telefoto’s de volgende dag in de media.

Ole Joern vindt dat ook de fans interessante motieven leveren - zoals hier bij de WK in 2006

Heb jij een favoriete sportfoto – en waarom is het je favoriet?

Oh – ik heb natuurlijk veel favoriete sportfoto’s… en daar zijn ook vele bij die door andere fotografen genomen zijn. Tijdens het WK 2006 in Duitsland heb ik veel foto’s gemaakt. Toen ik deze echter de volgende dag in de krant bekeek, leken ze op de foto’s van andere fotografen. Daarom besloot ik meer foto’s van het publiek te maken in plaats van de gebeurtenissen op het veld (dat idee vond mijn redacteur natuurlijk niet zo goed als ik). Ik vind echter nog steeds dat de emoties van de toeschouwers een stuk representatiever zijn voor de sport, dan foto’s van geïrriteerde spelers, die na een nederlaag afdruipen.

One comment

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *